Luister live

De Shabbat en de rust

De Koningin der Dagen: een uitnodiging tot heiligheid

12 mei 2026 — bijgewerkt op 04 september 2026

Waar begon jouw dag vanmorgen mee? Mijn dag begon vandaag met het Sjema Jisraël, gevolgd door een inspirerende gedachte die mij in de nacht werd ingegeven.

Hoe stond jij op? Was je eerste verbinding die met de Eeuwige, gezegend zij Hij — Hasjem — of voelde je onmiddellijk de drang om via schermen en sociale media verbinding te zoeken met de wereld? Met welke tijd willen wij verbonden zijn: met de tijd van de eeuwigheid, of met de voorbijgaande ruis van onze dagen?

Kwam je naar de sjoel — de synagoge — of naar een andere plaats van samenkomst, met het gebed in je hart om de Sjechina, de Goddelijke Aanwezigheid, te ontmoeten? Of waren het de haast en de sleur van de week die je meevoerden?

De Eeuwige zegt ons in Zijn oneindige wijsheid in de Thora, in Beresjiet (Genesis) 2:3:

“En God zegende de zevende dag en heiligde die, want daarop rustte Hij van al Zijn werk dat God geschapen had om te voltooien.”

De Sjabbat is niet zomaar een dag. Het is de dag die Hasjem heeft gezegend en geheiligd. Wanneer wij spreken over kadoesj, over heiligheid, spreken we ook over havdala: het maken van onderscheid. Heiliging betekent dat iets wordt afgezonderd van het alledaagse en wordt bestemd voor een verheven doel.

De Sjabbat begint niet wanneer de klok middernacht slaat en evenmin pas wanneer de eerste sterren verschijnen. Zij wordt vóór zonsondergang ontvangen, wanneer op vrijdagavond de Sjabbatkaarsen worden aangestoken. Het verschijnen van drie middelgrote sterren aan de hemel markeert volgens de Joodse traditie juist het einde van de Sjabbat. Dan wordt met de havdala opnieuw onderscheid gemaakt tussen de heilige dag en de gewone dagen van de week.

Zoals er in het scheppingsverhaal geschreven staat:

“Het was avond en het was morgen: de eerste dag.”

In de Bijbelse tijdrekening begint de nieuwe dag met de avond. Zo daalt ook de Sjabbat bij het vallen van de avond als een koningin over onze huizen neer.

De Sjabbat: thuiskomen in de tijd

In Israël is dit ritme bijna voelbaar in de lucht. Op vrijdagmiddag bereiden we ons voor. De winkels sluiten, de straten worden stiller en de drukte van de week wordt langzaam weggelegd. De challa wordt met zorg gebakken, de kaarsen worden klaargezet en de huizen worden voorbereid op de komst van de Koningin Sjabbat.

We leggen de wereld van melacha — het werk waarmee de mens scheppend en beheersend in de wereld ingrijpt — voor een dag neer. Niet als een last, maar als een bevrijding. We laten onze apparaten los om onze ziel terug te vinden.

Wanneer de Sjabbatkaarsen worden aangestoken en de zegenspreuk wordt uitgesproken, daalt de rust over het huis. Later zingen we aan tafel Sjalom Aleechem, waarmee we de engelen van de vrede verwelkomen. We heffen de beker voor de kidoesj en reciteren de woorden uit Genesis. Daarmee belijden we opnieuw dat Hasjem de Schepper is van hemel en aarde.

De Sjabbat is niet alleen een plicht. Zij is een thuiskomen — een verkoelende wind in een zwoele en rusteloze wereld.

Het getal zeven: de structuur van de schepping

We kennen de bijzondere betekenis van het getal zeven. Het is niet willekeurig: het verwijst naar voltooiing en heiliging. Er zijn zeven Noachitische geboden voor de mensheid, zeven weken tussen Pesach en Sjavoeot en zeven zegeningen onder de choepa, het huwelijksbaldakijn.

Ook het Jubeljaar wordt door het getal zeven bepaald: na zeven cycli van telkens zeven jaar — in totaal negenenveertig jaar — volgt in het vijftigste jaar het Joweel, het Jubeljaar.

Het Joodse huis kan worden beschouwd als een mikdasj me’at, een klein heiligdom. Tijdens de zeven dagen van de Sjeva Brachot vieren we de verbondenheid van het bruidspaar onder de zegen van Hasjem.

Wij lezen de Thora en de Bijbelse geschriften niet als oppervlakkige teksten. Wanneer we verhalen lezen — of het nu gaat over de dromen van Farao of over een storm die tot bedaren komt — moeten we proberen hun diepere betekenis te verstaan. Als we niet leren rusten op de Sjabbat, hoe kunnen we dan de stormen in ons eigen leven werkelijk doorgronden? In de geheiligde rust kunnen woorden opnieuw tot leven komen.

De liefde voor de Thora

Er wordt, zeker binnen bepaalde protestantse tradities, soms gesproken over de wet — de Thora — alsof zij uitsluitend een zwaar juk zou zijn. Maar in Psalm 119 lezen we:

“Hoe lief heb ik Uw wet! Zij is mijn overdenking de gehele dag.”

Dat is geen verzuchting van iemand die onder een molensteen gebukt gaat. Het is een liefdesverklaring. De Thora is een gids die ons beschermt tegen de oppervlakkigheid van een wereld die alles wil bezitten, maar ondertussen zichzelf dreigt te verliezen.

Wie keuzes maakt die misschien niet overeenkomen met wat de wereld vanzelfsprekend vindt, kan juist kiezen voor de diepte van het geloof en voor de verbinding met de Eeuwige — Baroech Hasjem. Het is een keuze voor zuiverheid en heiligheid in het leven.

Wat baat het een mens wanneer hij de hele wereld wint, maar zijn verbinding met de Eeuwige verliest? Hij blies de levensadem in ons. Hij gaf ons Zijn geboden niet om ons te ketenen, maar om ons te heiligen en ons pad te verlichten.

Soms ontvang je onverwacht inspiratie. Soms kan een ander, zonder het zelf te beseffen, je gedachten richten op datgene waarom het in het leven werkelijk gaat.

Sjabbat als voorproefje

De wekelijkse Sjabbat wordt binnen de Joodse traditie aangeduid als me’ein Olam Ha-Ba: een voorproefje van de Komende Wereld. De rust en heiligheid die wij tijdens de Sjabbat mogen ervaren, vormen een tijdelijke weerspiegeling van een bestaan dat niet wordt beheerst door haast, arbeid en vergankelijkheid.

De Sjabbat laat ons iedere week iets ervaren van de vrede, nabijheid en heelheid waarnaar de menselijke ziel verlangt. Zij is niet alleen een herinnering aan de schepping, maar ook een vooruitwijzing naar de uiteindelijke verlossing.

Rust onder de vleugels van de Sjechina

Ook in de Joodse gebeden rond overlijden en herdenking keert het verlangen naar rust terug. In het traditionele gebed El Male Rachamiem — God vol barmhartigheid — wordt gevraagd of de ziel een menoecha nechona, een ware en volmaakte rust, mag vinden onder de vleugels van de Sjechina.

De rust van de overledene mag echter niet zonder meer gelijkgesteld worden aan de halachische Sjabbat. Wel kan de Sjabbat ons op symbolische wijze iets laten ervaren van eeuwige rust en nabijheid tot Hasjem. Iedere zevende dag worden wij eraan herinnerd dat ons bestaan meer omvat dan arbeid, bezit, haast en vergankelijkheid.

De Sjabbat is daarmee zowel een heilige dag in het hier en nu als een teken van hoop op de Komende Wereld.

Een baken in de tijd

Laat de Sjabbat een oase van rust zijn. Wanneer we na de Sjabbat de gewone wereld weer binnengaan, is de verleiding groot om onze leegte opnieuw te vullen met oppervlakkige verlangens. Maar herinner je dan de rust van de zevende dag. Neem iets van die stilte mee de nieuwe week in.

Leer ons, o Eeuwige, Uw weg, opdat wij in Uw waarheid wandelen. Verenig ons hart tot de vreze van Uw Naam. Mogen onze huizen plaatsen zijn waar Hasjem centraal staat; waar we niet gevangenzitten in alle ‘moetens’ van de moderne tijd, maar waar we leven vanuit de vrijheid van Zijn inzettingen.

Moge de Eeuwige jouw hart vervullen met Zijn woorden, opdat het jou en jouw huis welga.

Soms kunnen mensen, zonder dat zij het zelf beseffen, een bron van inspiratie zijn. Zij kunnen ons wijzen op datgene waarom het in het leven werkelijk gaat: de verbinding met de Eeuwige, met elkaar en met de heiligheid die Hij in de tijd heeft gelegd.